Onzichtbaar verdriet

Ondertussen is het alweer meer dan 6 maand geleden dat jij er niet meer bent, Liam. Een half jaar! Die eerste dagen en weken na jouw stilgeboorte waren je papa en ik zo overweldigd door al die pijn dat ik mij toen absoluut niet kon voorstellen hoe ik ooit een half jaar zou overleven zonder jou. Maar kijk, hier zijn we dan toch op de een of andere manier beland.

Doet het ondertussen minder pijn dat jij niet meer bij ons bent? Nee, helemaal niet. Missen we jou minder? Nee, ik mis jou nog altijd op elk moment van elke dag.  Wat er wel anders is als in het begin is dat die pijn nu vertrouwd is, ik sta er mee op en ik ga er mee slapen. Ik ben er aan gewoon geworden. Hij is daar steeds maar belemmert mij niet meer om weer een wat normaler leven te leiden. De golven van verdriet komen nog steeds vaak opzetten, maar ik kan ze beter beheersen. Overdag kan ik ze, meestal, onderdrukken en hou ik het vaak een hele werkdag vol zonder dat er zich tranen vormen.

Ik kan ook opnieuw meepraten over onbenullige dingen. Dat het weer zo onvoorspelbaar is. Dat er weer zoveel file stond. Dat de planning op het werk weer op niet veel trekt. Als er onozele mopjes gemaakt worden, dan lach ik weer gewoon mee. Is dit allemaal toneel van mij? Nee, die dingen meen ik allemaal. En zo lijkt het voor velen waarschijnlijk dat ik weer oké ben. Dat ik weer mezelf ben. En dit is ook een deel van mezelf, maar ze zien het andere deel niet. Het deel dat constant rouwt om jou.

Dus ja, ik ben mezelf, maar dit is nu eenmaal niet meer dezelfde persoon als voor jouw dood. Ik kan weer lachen, maar op de achtergrond zit die pijn daar, dat verdriet dat jij er niet meer bent. Ik kan overdag meedraaien op het werk, maar zij weten niet dat ik elke avond wenend naar huis rijd, dat na al die uren dat ik het gemis om jou heb weggeduwd, het verdriet op weg naar huis overneemt en de tranen elke avond over mijn wangen rollen.

In vergelijking met zes maand geleden hebben we dus wel heel wat vooruitgang gemaakt. We zittten niet meer zoals in het begin voor ons uit te staren op de zetel, niet wetende hoe we dit ooit zouden overleven. We weten nu dat we aan het overleven zijn. Maar dezelfde gedachten als toen blijven een constante in mijn hoofd. Was je er nog maar. Hadden we je maar kunnen redden, als dat al mogelijk was geweest. Wat is het toch allemaal zo oneerlijk. Ik mis je.

jij-bent-het-stukje-dat-ik-mis

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s